Onze herziene werkwijze in Den Haag

Afgelopen tijd is er onduidelijkheid ontstaan over de rol van onze raadonderzoekers op zittingen in de rechtbank Den Haag. We lichten onze - inmiddels herziene - werkwijze graag toe.

Bij rechtszaken tussen gescheiden ouders waar het gaat over gezag en omgang adviseert de Raad voor de Kinderbescherming de rechter over het belang van het kind. Soms adviseren we al tijdens de zitting, soms is er eerst onderzoek nodig. Meer hierover lees je op onze website. De raadsonderzoeker die op zitting na onderzoek adviseert, is uiteraard in het bezit van alle stukken en zorgvuldig voorbereid.

In de regio Den Haag wordt - sinds de introductie van het Uniform Hulpaanbod (UHA) - nog iets anders van ons gevraagd. De familierechter doet tijdens zittingen dan een beroep op onze algemene pedagogische kennis. De rechter weegt dit mee in haar beslissing rondom de mogelijke inzet van de hulp voor een gezin. Hiertoe ontvangt de RvdK geen uitgebreide inhoudelijke informatie vooraf.

Deze Haagse werkwijze past binnen de wettelijke kaders. De betrokken organisaties zien positieve effecten. Tegelijkertijd blijkt dat deze werkwijze leidt tot onduidelijkheid bij ouders, kinderen en advocaten over onze rol op zitting. Dit heeft geleid tot herbezinning van de afspraken. Samen met de rechtbank Den Haag is inmiddels besloten om de werkwijze per 1 mei 2025 aan te passen. De afspraak is dat wij voortaan in iedere zitting alle relevante stukken ontvangen en bestuderen, net als in de rest van het land.